
68
Verschillende methoden voor lichtmeting gebruiken
Met lichtmeting wordt de helderheid van een onderwerp gemeten.
Door de optimale modus te selecteren, kunt u een opname van een
onderwerp met de optimale belichting maken. De deelmeting
is de standaardmethode voor metingen.
1 Selecteer (Lichtmeetmethode) in het menu FUNC. en
selecteer een lichtmeetmethode met de knop of .
z Met [Deelmeting] en [Gem. centrum meting] wordt een opname
van het onderwerp gemaakt zoals het is.
Ga door naar stap 2 om [Spotmetingpunt] in te stellen.
z U kunt instellingen selecteren door het multifunctionele keuzewiel te draaien.
2 Selecteer [Spotmetingpunt]
in het menu [ (Opname)].
Zie Menu's en instellingen selecteren
(Verkorte handleiding: p. 16).
Stel het AF-punt in op 1-punts. (p. 60)
Programmakeuzewiel
Deelmeting
Het beeld wordt verdeeld in een aantal gebieden voor lichtmeting.
De camera beoordeelt de belichtingsomstandigheden,
zoals de positie van het object, helderheid, achtergrond,
direct licht en belichting van achteren, en past de belichting
van het hoofdobject vervolgens automatisch aan.
Gem.
centrummeting
De gemiddelde belichting van het gehele beeld wordt berekend,
maar het object in het midden krijgt meer gewicht.
Spotmetingpunt Het gebied binnen het spotmetingpuntskader wordt gemeten.
Centrum
Het spotmetingskader wordt vergrendeld in het midden
van het LCD-scherm.
AF-Punt Het spotmetingpunt wordt op het AF-kader geplaatst.
Commenti su questo manuale